Inloggen

Log in om je favoriete recepten te bewaren, notities te maken en de inhoud van je keukenkast te wijzigen.



Winterse rijsttaart

Roer 125 gram zachte roomboter met 125 gram lichtbruine suiker (“kinnekessuiker”) en meng er een ei onder. Zeef er 300 gram bloem, een snuifje zout en 1 eetlepel kaneel bij en kneed tot een gladde bal. Leg in de koelkast terwijl je de rijstpap maakt.

Breng 1 liter volle verse melk aan de kook met 100 gram suiker, een snuifje zout en twee in de lengte opengesneden vanillestokjes. Voeg 150 gram dessertrijst toe en laat op een zachter vuurtje minstens een half uurtje pruttelen tot de pap goed begint te dikken. Roer voortdurend om om zodat de rijst niet aan de bodem gaat kleven. Haal de vanillestokjes uit de melk, schraap het merg eruit en voeg samen met een klein beetje saffraan toe aan de pap. Draai het vuur uit als de rijst gaar is en laat de pap een beetje afkoelen. Je kan voor de taart ook kant-en-klare rijstpap gebruiken. Meng nog twee eieren, een eetlepel bloem en een goeie scheut room onder de rijstpap voor je de taart gaat vullen.

Rol het deeg uit op een met bloem bestrooid oppervlakte en bekleed er een ingevette bakvorm mee. Vul met de rijstpap en zet een half uurtje in de oven op 180°. Laat afkoelen en haal de taart uit de vorm.